donderdag 17 maart 2011

Boekenbal

Harry Wormwood: A book? What do you want a book for?
Matilda: To read.
Harry Wormwood: To read? Why would you want to read when you got the television set sitting right in front of you? There's nothing you can get from a book that you can't get from a television faster. 
(Quote uit de film Matilda - gebaseerd op het boek van Roald Dahl)

 Zo fijn als televisie is - onnadenkend volgen hoe het gaat met overspelige doktoren of rijke meisjes in Amerika - zo geweldig zijn boeken.
De mooiste natuurbeelden wegen niet op tegen de plaatjes die je zelf verzint.

In mijn tijdelijkste huis in tijden leef ik uit een paar weekendtassen. Mijn improvisatievermogen qua garderobe neemt per dag toe. In een versleten legerbroek ga ik naar mijn werk (wel met hakjes en een jasje). Ik koop bij de H&M nieuw ondergoed en sokken.
Heel georganiseerd heb ik namelijk tien feestjurkjes ingepakt, en verder bijna niets.

Ik wil al mijn jurkjes, vestjes en spijkerbroeken terug. In een grote inloopkast waar alles op seizoen gesorteerd is. Ik wil mijn eigen tafel, stoelen en bed. Ik wil foto's van m'n broertje en vriendinnen aan de muur.
Het kan even niet.
Alles staat in dozen en tassen in de oude slaapkamer bij mijn ouders. Inclusief boeken en dvd's.

Alles? Niet alles. De boeken die ik nog niet heb gelezen liggen namelijk op een plank van een kast die niet van mij is.  Er komen er regelmatig een aantal bij.
Straks moet ik die allemaal weer verslepen naar een volgend tijdelijk huis.
Ik heb ze nodig. Overal waar ik ben. Op vakantie, op een weekend weg en in de bus naar werk.
En vooral thuis. Dan gaat het goed.

Zolang ik me maar tandenpoetsend kan verdiepen in de lotgevallen van een dikke oude politieagent met een drankprobleem. Zolang ik, voor ik in slaap val, weet hoe het verder gaat met de hysterische huisarts die een zomerhuis huurt met zwembad. 
En op de piste, wanneer ik voor de twintigste keer over mijn eigen ski's ben gestruikeld, vind ik rust door te lezen over de Canta van de moeder van de hoofdpersoon in Amsterdam-Noord.

Deze week is het boekenweek. Op de televisie zie ik schrijvers en fans, een rode loper, een trap, en een grote foto van Harry Mulisch.

Voor mij is het elke week boekenweek.
Ik ben geen beroemde schrijver. Ik ben niet eens een beroemde lezer.
En omdat ik moest werken, had ik er niet niet bij kunnen zijn.
Maar toch vind ik het jammer dat ik niet was uitgenodigd voor het boekenbal. 
Want daar had ik nou net het goeie jurkje voor.



donderdag 10 maart 2011

All you need

Ik verloor mijn geloof in de liefde
Mijn hart brak een keer teveel
op de pechstrook van het leven
daar verkeer ik momenteel

Guido Belcanto - Op de pechstrook van het leven


Na een avond kletsen met een vriendin blijf ik alleen thuis achter.
"Yes," denk ik als ik eigenlijk wil gaan slapen, "All you need is love is op tv!"
Het eerste wat ik zie zijn twee dikke ongelukkige mensen.
Het meisje heeft blijkbaar iets gedaan wat de jongen niet leuk vindt. Het hoe en wat ontgaat me een beetje.
Ze wil met hem trouwen. Ze is heel gek op hem, maar hij wil het niet meer horen.
Deze negatieve feedback moet natuurlijk onmiddellijk worden teruggegeven.

Hij gebruikt veelbetekenende zinnen:
'Ik had al het vermoeden dat je dit zou proberen'
'Ik moet heel spijtig zeggen dat ik bij mij beslissing blijf'
'Ik heb altijd goed voor je willen zijn meid, ik heb dag en nacht voor je op straat gelegen, maar wat ik ervoor terug krijg...'

Hij zwijgt, zij huilt.
Een zielig muziekje begint, hij troost haar.
Haar snikkende lijf geeft een nieuwe betekenis aan schokschouderen. Wanhopig kijkt zijn 'boer-zoekt-vrouw' hoofd naar de camera.  
Het beeld wordt zwart.

Jezus. Als zelfs 'All you need' al het verdriet omhelst, hoe moet het dan verder?
Ik wil eigenlijk wegzappen.

Tegen beter weten in kijk ik verder. Ik hoop op een Zuid-Amerikaanse Don Juan die ineens achter de deur staat,

Er komt een oproep van een 62-jarige vrouw die jongensachtige mannen zoekt.
Ook dit stemt mij niet bepaald tevreden. En terecht.
Er komt een 51-jarige forse man binnen. Hij heet Bert. Hij heeft een dochter en draagt heel frivool geen stropdas onder zijn pak.
Ze gaan een kamer in met rozen, wijn en camera's om  elkaar beter te leren kennen.

Robert ten Brink blijft enthousiast- een nieuw item: 'Er zijn veertien singles in een huis!'
Een blonde jongen met een stekelkuif noemt iemand een olifant. Het is een lief, mooi meisje en ze lacht verlegen.
Alle vrouwen uit het huis gaan op pad. Ze gaan worden 'verwend'.
Ze gaan naar een spa waar vissen aan hun voeten en handen knagen.
De olifant vindt het heerlijk.

All you need is love. Love. Liefde.
Ik zet de televisie uit.
Die pechstrook van het leven lijkt me ineens een heel plezierige plek.

woensdag 9 maart 2011

Dode pixel

Ik heb een dode pixel.
Het is geen uitgeproest vlekje soep.
Het is geen krasje van zand tussen scherm en toetsenbord.

Het is een echte. Hij is niet eens symmetrisch. Hij zit net een beetje links van het midden.
Al vier jaar eigenlijk, maar tot nu toe probeerde ik hem alleen maar af en toe weg te vegen.
Een kort 'oh ja'-moment later liet ik hem voor wat hij was en vergat ik hem meteen weer.
Hij stoorde me niet.

Nu zie ik toch ineens op de wang van dr McDreamy een gore mee-eter.
Sollicitatiebrieven bevatten een extra puntje op een i die centimeters verder staat.
In mijn wijdse witte wintersportfoto's staat in de verte een zwarte stip.

Het vieze toetsenbord, de afgebroken rand met ranzige vlekken, de smoezelige aan/uit-knop : het doet me niets.
Handen wassen doe ik blijkbaar niet genoeg, maar er is niets wat ik niet met nagellakremover weg kan poetsen.
Mijn witte schattige grote vriend, waarvan de batterij het maar drie minuten doet zonder snoer.
Die als laptop bijzonder slecht presteert, omdat de brandwonden op je schoot en bovenbenen niet opwegen tegen aan tafel typen.
Door de krassen aan de buitenkant durf ik hem bijna niet meer mee te nemen naar de Coffee Company om te gaan 'tele-werken'

Hij is al drie keer meeverhuisd naar de plek waar ik heel gelukkig zou gaan worden.
Alles wat ik heb meegemaakt, staat gedeeld op de harde schijf. Foto's, emails, het eerste seizoen van Dexter en het laatste van Lost.
Herinneringen aan weekendjes weg in een Excelsheet.
Ik ben dol op hem.
Het is mijn echte oog-apple.

Vorige week heb ik een zilveren, professionele, platte en betere versie van hem gezien.
Ik zou mijn schatje nooit inruilen voor zo'n glad patserig monster.
Zo ben ik niet. En ik kan het ook niet betalen.

Maar nu moet ik dus wel leren leven met een dode pixel.