(...)
Beetje
beschermen tegen schurken
En
plaats maken voor al haar prinsessenjurken
gemaakt
van chique, luxe zijn d'r patronen
ze
kan never niet goed voor de dag komen
Een
echte – Faberyayo
Op
weg naar de supermarkt slenter ik over de Overtoom. Het is zaterdag,
eind van de middag. Het huis is opgeruimd, ik heb gestudeerd en
rijles gehad. Gisteren waren er vrienden eten en wijn drinken. Het
was gezellig, maar ik ben wel een beetje moe. Vrolijk neurie ik mee
met het liedje over de echte prinses. Dan zie ik mezelf in de ruit
van de fietsenmaker.
Hmm.
Ik zie er best slonzig uit. Een oud en niet al te flatteus roze
H&M-hemdje boven een versleten wijde spijkerbroek, een veeg
mascara onder mijn linkeroog en haar dat allang gewassen had moeten
worden. Niet echt prinses-achtig.
Volgende
keer een iets elegantere outfit aan, spreek ik mezelf even toe. En
vijf kilo afvallen, dat ook. Hoewel het maar de supermarkt is, je
weet nooit wie je tegenkomt.
Wie
weet wat mensen denken, misschien wel: 'zielig, dat dit meisje zo
over straat gaat'
Het
begint te regenen dus ik steek snel over. Gelukkig ben ik er al
bijna.
Een
wonderlijk schepsel blokkeert echter de ingang. Een dikke mevrouw van
middelbare leeftijd staat met haar hondje voor de deur. Ze heeft een
gekreukelde bonusfolder in haar hand en kijkt angstig om zich heen.
Ze heeft een turquoise tshirt met palmbomen aan. Het hondje heeft een
bijpassend doekje om. Op haar natte haren zit een knalgroene
koptelefoon met een losbungelend snoer.
Telkens
als ik haar wil passeren doet ze een stap opzij, zodat ik er net niet
langs kan.
Noodgedwongen
en nu ook nieuwsgierig bekijk ik haar nog eens goed.
Ze
zet de beschreven folder terug in het rek en pakt een nieuwe. Die
frommelt ze snel in haar beige buiktasje. Haar haar is bij nader
inzien niet alleen nat, maar ook vol zeep. De schuimklodders zitten
nog achter haar oren. Het lijkt alsof ze in paniek weggevlucht is
onder de douche of bij een kapper.
Ze
heeft een vieze legging en twee verschillende schoenen aan. Het
hondje blaft, ze kijkt op en ziet mij naast haar staan. Ze schrikt.
Ze
grist nog even een Allerhande mee, duwt tegen een fiets naast de
ingang en loopt snel weg. Er drupt zeepwater in haar t-shirt. Ik vind
haar raar. En heel zielig.
Ik
vraag me af waar ze naar toe gaat. Ik hoop naar een lieve huisgenoot
of familielid die haar geruststelt, haar haren uitspoelt en haar iets
lekkers uit de bonusfolder voorzet.
Nou
ja. Met een blauw mandje in mijn hand loop ik de supermarkt in.
Bij
de frisdranken pakt een jongen van mijn leeftijd met vet haar, wallen
en een joggingbroek vol vlekken drie flesjes Aquarius uit het rek. In
zijn mandje ligt een pizza en een pak waterijsjes. Hij kijkt opzij en
ik knik hem begrijpend toe.
Slonzig
mag op zaterdagmiddag. En prinsessen hebben heus niet altijd een
mooie jurk aan. Zielig is iets heel anders.