zaterdag 27 december 2008

Beroepsdeformatie

Verwarring. Beroepsdeformatie.
Niets meer aan te doen.

Op de Volkskrant op internet staat deze kop boven de volgende foto:

Beste verpleeghuis is kleinschalig
Het beste verpleeghuis en het beste verzorgingshuis zijn kleinschalige voorzieningen. Dat blijkt uit de Volkskrant-verpleeghuizenlijst die de krant dit jaar voor de tweede keer heeft samengesteld.




Ik denk dat dit dus een mentaal zwakke jongen in een rolstoel is, die blij mag zijn dat hij in een klein verpleeghuis zit.
Hij is niet helemaal honderd procent, maar hij heeft het fijn. Gelukkig.
Of niet?

Want ONDER de foto staat iets heel anders. Oeps.

Eerste dag Ronaldo trainde vrijdag voor het eerste bij zijn nieuwe club Corinthians, uit Sao Paulo (Braziliƫ). Hij revalideert nog altijd van een blessure die hij in februari bij AC Milan opliep. (foto:Reuters)

vrijdag 26 december 2008

The power of love


I'll protect you from the hooded claw
Keep the vampires from your door
When the chips are down I'll be around
With my undying, death-defying
Love for you

Frankie goes to Hollywood - the power of love


Het is tweede kerstdag. En in plaats van wandelen over het strand, winkelen op de meubelboulevard, een kerstfilm kijken of lui tegen de verwarming hangen met een dik boek en een kop chocomel - zit ik in mijn witte jas in de net iets te koude bibliotheek van het ziekenhuis. De enige boeken die ze hier hebben zijn naslagwerken. De chocomel uit de automaat is nog viezer dan de koffie.
Af en toe kijk ik verwachtingsvol naar mijn pieper.
Er gebeurt niets.
Grieperig en niezend heb ik me tot nu toe door de dag heen geworsteld. Ugh. Saai.

De kinderafdeling is een plek vol hoge pieken en diepe dalen. Loeidruk of doodstil.
Net als de kinderen en hun ouders.
Subtiel en tactvol is niet aan driejarigen besteed. Ouders van pasgeboren babies zijn niet in staat emoties in bedwang te houden en de opa's en oma's al helemaal niet.
Ik probeer bij elke woedende vader en wanhopige moeder maar te bedenken dat ze zich zorgen maken.
Om hun kind, waar ze zo van houden. Hun eigen kleine prinsje of prinsesje.
Die genegenheid die begonnen is toen ze voor het eerst het mini-mensje zagen dat voor de helft hun genen had.
Een soort oer-liefde, waar je niets aan moet willen veranderen of met logica uit kan leggen.

Het is kerst, en dus staan overal op de kinderafdeling hele families in de te kleine kamertjes. Het lijkt All You Need is Love wel, maar dan echt met bloed en zweet en tranen. Snel ga ik er weg.
Voor je het weet gaan ze moeilijke vragen aan me stellen. Of moet ik hun telg iets aandoen, in naam van de echte dokter.
Ik heb er genoeg van. Ik wil best wat doen, maar dan dus kleurplaten maken en haren invlechten en boeken voorlezen.

Buiten is het donker en naast de gebruikelijke kerstbomen staan voor het echte wintergevoel in de hal vijf bijzonder lelijke reuzen-pinguins, gemaakt van blauwe lampjes op een plateau van glinsterend nep-ijs.
Ervoor staat het broertje van een baby van mijn afdeling. Hij kijkt, steekt met een ondeugend gezicht zijn hand uit... en wordt dan meegetrokken naar de lift, kom op, hup, op bezoek bij je zusje in haar kribbe.
Chagerijnig en kuchend hang ik over de balustrade en kijk hem na.
Dan komt hij ineens terugrennen en geeft met een drifig gebaar de dichtstbijzijnde pinguin een schop. Het blauwe gevaarte wiebelt. Ik voel een grijns opkomen.
Zijn vader schiet ook in de lach en duwt hem snel terug de liftenhal in.

En nu ligt mijn pieper al drie uur stil naast me in de bibliotheek.
Ik wil eigenlijk thuis bij mijn ouders op de bank liggen onder een dekbed en dat mijn moeder dan thee voor me zet en sinaasappels voor me perst. En dat ik dan iedereen dwing om een spel te doen, omdat ik dat leuk vind.
En dat ik daarna met mijn broertje The Sound Of Music kan afzeiken. Van begin tot eind.
Soms wil ik ook wel weer even klein zijn.

Dat kan niet. Dus ga ik zo maar terug naar de afdeling, zal ik laten merken aan de bezorgde ouders hoe lief en leuk de dokters hier zijn, zelfs met kerst, en zet ik mijn beste beentje voor. Als het echt moet zing ik zelfs Stille Nacht.

Maar eerst ga ik zo even stiekem tegen een blauwe glitterende reuzen-pinguin aanschoppen. Om even aan mijn innerlijke kind te laten zien hoeveel ik van haar houd.

woensdag 10 december 2008

Vijftig woorden voor lezen


Een vriendin van een vriendin deed wat ik altijd al heb willen doen: ze schreef een boek.

Jaloers vroeg ik het boek dan maar aan Sinterklaas.
Toen ik mijn verlanglijstje inleverde bij mijn moeder had zij er al over gelezen.

Ik las het deze week. In de bus, in bed, in bad.
Elke vrije minuut las ik verder. Overal, zoals vroeger.
Ik stond naast het fornuis en om de bladzijde roerde ik even in de pan.
Ik keek mijn spannende lievelingsserie en miste de clou.
Ondertussen las ik een hoofdstuk en zo goed kan ik twee dingen tegelijk blijkbaar niet.

Ik vond het niet eerlijk.
De vriendin van een vriendin heeft een ontzettend fijn boek geschreven.

Vijftig woorden voor het lezen van dit boek:

mooi verdrietig herkenbaar raar geduld
laura blij bergen zwitserland wandelen
amsterdam kroeg bier sigaret muziek
schoenen geld schulden kleren eten
vriendje hart liefde gebroken huilen
lopen mensen alleen samen boos
vrienden contact bellen moe slapen
bejaarden jong werken bar dronken
vrij bos bloemen regen hannah
buenting honderd woorden voor grijs

maandag 8 december 2008

Roze en zacht

Pink is my favorite crayon, yeah
Pink it was love at first sight
Pink when I turn out the light
Pink it's like red but not quite
And I think everything is going to be all right

Aerosmith - Pink


Nadat mijn favoriete bejaarde met baard (de grote kindervriend met zijn negerslaven) het land heeft verlaten, begin ik aan mijn nieuwste co-schap.
Kindergeneeskunde.
De ultieme meisjesdroom.

Enigzins sceptisch loop ik wederom het ziekenhuis binnen in Haarlem.
Deze keer ga ik niet tussen de hardcore gemene chirurgen mijn plek veroveren.
Vandaag ga ik beginnen aan lief en schattig.
Maar zijn die kinderartsen, die van met mini-patienten knuffelen hun beroep hebben gemaakt, wel echt zo aardig?
Wat als ik toch niets blijk te weten van kinderen?
Wat als elke peuter begint te krijsen zodra hij mijn rode haar, zwarte bril en vooral witte jas spot?

Vandaag mag ik vooral meelopen. Mee met langs tweejarigen met blaasontsteking, mee langs heel erg kleine babies in glazen kooitjes.
Mee met alles, de eerste hulp, de kraamafdeling, de poli.

De artsen en arts-assistenten zijn ongelooflijk vriendelijk. 'Kom maar mee, ik heb het eigelijk heel druk, anders zou ik meer uitleggen, maar vraag vooral alles...'
Ik voel me meteen op m'n gemak.
En een heel grote sufferd.
Want zodra ik de eerste baby moet onderzoeken - gisteren geboren, even een check-up, verlies ik m'n verstand.
Helemaal.
Wat een schatje. Roze en zacht en oetsjie-koetsjie, hallo mooi ventje!
De arts-assistent schraapt haar keel. Oh ja. Ik til hem op. Ohhh wat is ie lief en wat kan hij al goed in mijn duim knijpen...
'De spiertonus is goed.' zeg ik.
Mijn medische kennis wordt verder geblokkeerd door roze mist.

Op de eerste hulp weet ik wel wat ik moet doen. Stoer stap ik een kamer binnen. Een moeder tilt net haar acht maanden oude baby uit het zitje.
'Wat is er aan de hand?' vraag ik. Het kindje grijnst breed. Terwijl zijn mama vertelt over hoe hij verkouden en ziek en benauwd is, schatert haar zoontje tussen zijn hoestbuien door.
De roze mist komt weer terug. Oh oh.
Wat is er met me aan de hand? Get yourself together!
Ik vraag naar voeding en poep. Ik luister naar de longetjes en de buik van deze uitermate blije baby. Die hapt naar adem.
Mijn verslag bij de kinderarts is onsamenhangend en onvolledig.
'Ik zag een leuke baby, alert en vrolijk, die benauwd is sinds... eh... hoeveel dagen zei ze ook al weer..'

Ik kan dit wel. Heus wel. Ik ben al sinds mijn vijftiende de meest favoriete oppas. Ik heb net een maand kinderpsychiatrie gedaan.
Die kinderen waren een beetje gek, verstandelijk gehandicapt en zestien.
Dan ben ik echt een goede dokter.
En ik hoef nog geen kind van mezelf. Echt niet. Dat zou onhandig, duur en vooral helemaal niet verstandig zijn.

Maar niets in de hele opleiding bereidt je erop voor dat zelfs andermans babies zo schattig zijn.
En roze. En zacht.
Ook al zitten er honderd slangetjes aan. Ook al zijn ze ziek.
Het is vandaag pas m'n eerste dag.

Lief is leuk, niet-in-het-ziekenhuis is leuker.
Vanaf morgen zet ik roze en zacht uit m'n hoofd en ga ik me weer professioneel gedragen.